Paul Verhaeghe - Identiteit



In de Volkskrant van 25 oktober 2016 schrijft Sheila Sitalsing een column naar aanleiding van de beslissing van RTL Televisie om zwarte piet in de ban te doen. Ze kapittelt de publieke omroep, die volgens haar nog steeds in een achterhaalde discussie gevangen zit, en stelt:

"Een van de aardige kanten van het kapitalisme is dat het doorgaans weinig boodschap heeft aan moraal, normen, waarden, mensenrechten, 'onze manier van leven', fatsoen, politieke correctheid of incorrectheid, schone schijn of hypocrisie. Het gaat om spullen verkopen, geld stinkt niet, klant is koning, u vraagt wij draaien, wat de gek ervoor geeft - dat werk. Af en toe grijpt een overheid in, om milieu, mens of moraal te redden. Het is een doorgaans elegant systeem."



Haar constatering is niet alleen evident onjuist maar ook een prachtige illustratie van de stelling van Paul Verhaeghe in Identiteit: het huidige kapitalisme is bij uitstek een moraalsysteem. Het gaat er niet om of het systeem ergens een boodschap aan heeft: het systeem is de boodschap.

Over de discussie rond zwarte piet kan ik hooguit constateren dat twee rivaliserende clans, gespeend van iedere empathie, elkaar bestrijden over een geschminkte figuur. Zwarte mensen bescherm je niet door zwarte piet te verbieden, maar door mensen die er smakeloze grappen over maken er eens wat minder vrijblijvend over aan te spreken. Kinderen die zwarte mensen aanzien voor zwarte piet helpen we uit de droom door zwarte piet te vervangen door een piet die er anders uitziet. Dat is de empathie met andere (in dit geval zwarte) mensen die met zulke kinderen geconfronteerd worden zonder er grote problemen over te maken, maar zich er toch niet zo plezierig bij voelen. Me dunkt. En zo komt het neoliberale, kapitalistische moraalstelsel van RTL volkomen onverwacht aan de goede kant van de geschiedenis terecht en de moraal van de niet-commerciële publieke omroep aan de verkeerde kant. Een klusje voor Paul Verhaeghe.

Paul Verhaeghe (1955) is hoogleraar klinische psychologie en psychoanalyse aan de Universiteit van Gent. In Identiteit (2012) lijkt het erop dat Verhaeghe aan een breed publiek wil uitleggen waar de menselijke identiteit vandaan komt. Identiteit is een product van de omgeving waarin je verkeert: een bovenbouw geconstrueerd op een evolutionair fundament. In die bovenbouw komen twee tegengestelde sentimenten aan het licht: de wens om onderdeel van het collectief te zijn en de wens om binnen dat collectief een autonoom individu te zijn. Die constructie werkt als een soort wip: het beste is als deze in balans blijft. Maar als één van de partijen -in dit geval de individualiteit - op de wip meer gewicht krijgt kantelt de wip in zijn richting en bungelt de andere kant - de collectieve gemeenschapszin - hulpeloos in de lucht.

Die analyse is voor Verhaeghe de aftrap om een filippica te voeren tegen de huidige neoliberale maatschappij, die hij een vorm van nieuw sociaal-darwinisme noemt. Alles is uitdrukking van geld en rendement. Dat is in zulk een sterke mate het geval dat voor de nieuwe generaties geld en rendement het cultuur- en daarmee waardestelsel is geworden. Alle sociale normen worden ervan afgeleid. Zoals het besluit een zwarte piet te vervangen omdat het de economische orde schaadt, niet omdat er sociale gevoelens aan te pas komen.
De gevolgen, aldus Verhaeghe, zijn desastreus: het neoliberale waardestelsel gaat recht in tegen de sociale aard van het tribale dier dat mens heet.

Verhaeghe heeft flinke kritiek gekregen op zijn boek omdat het onwetenschappelijk zou zijn daar waar het over het vakgebied psychoanalyse en psychiatrie gaat. Ook al is de kritiek later wat getemperd, toch valt de kritiek te begrijpen. Na het eerste deel zou het boek licht als pamflet opgevat kunnen worden. Ergens constateert Verhaeghe dat het neoliberalisme "het slechtste in de mens" naar boven heeft gehaald. Ik biecht zonder problemen op dat ik hem daarin gelijk geef. Maar of het een wetenschappelijk standpunt is? Als wetenschapper kun je wellicht niet verder gaan dan de conclusie dat het vigerende waardestelsel in de praktijk leidt tot conflicten met het sociale stelsel en dat dit weer leidt tot bepaalde vormen van sociaal afwijkend gedrag. Iedereen kan daarbij de bankencrisis voor ogen halen, of de boosheid van voorstanders van zwarte piet tegenover RTL.

De conclusie van Verhaeghe is misschien ook wat pamflet-achtig, maar in ieder geval wel te verdedigen: als we het huidige neoliberale waardesysteem als een probleem zien dan zijn we zelf onderdeel van dat probleem - ook als we er boos over zijn. De oplossing zal dus wat minder vrijblijvend bij onszelf vorm moeten krijgen. Verhaeghe blijft hierin consequent: ook de neoliberale ideologie die we verfoeien is volledig deel van onze identiteit. En dat veranderen gaat van au.