Sue Grafton - S is for Silence

Thirty-four years ago, Violet Sullivan put on her party finery and left for the annual Fourth of July fireworks display. She was never seen again.
In the small California town of Serena Station, tongues wagged. Some said she'd run off with a lover. Some said she was murdered by her husband.
But for the not-quite-seven-year-old daughter Daisy she left behind, Violet's absence has never been explained or forgotten.
Now, thirty-four years later, she wants the solace of closure.

Let op: recensie bevat verwijzingen naar de plot

Chicklit. De Grote Kijkdoos deinst nergens voor terug. S is for Silence is het negentiende deel in de alfabetserie van Sue Grafton met de vrouwelijke detective Kinsey Millhone in de hoofdrol.
Kinsey is vast blijven zitten in de jaren '80. Het eerste boek, A is for Alibi, is geschreven in 1982 en speelt zich ook in die tijd af, deel negentien is uit 2005 en speelt zich af in 1987. Geen computers of mobiele telefoons om Kinsey bij haar werk te helpen.

Sue Grafton heeft in dit boek ervoor gekozen het verhaal vanuit het perspectief van verschillende personen te vertellen. De verhaallijn uit de huidige tijd wordt gedragen door Kinsey Millhone, de verhaallijn uit 1953 wordt gedragen door de diverse andere hoofdpersonen in het drama van de verdwijning van Violet Sullivan, de lokale sloerie van het dorpje Serena Station. Het jaar 1953 is inmiddels 34 jaar in het verleden, maar de achtergebleven dysfunctionele dochter Daisy is nog steeds op zoek naar haar moeder. Nu mag Kinsey de handschoen oppakken.

Door de perspectiefwisseling wordt het detectiveverhaal uiteraard in stukjes gebroken. Voor de voortgang is dat echter niet hinderlijk. Niet zozeer de perspectiefwisselingen zijn lastig, maar het grote aantal perspectiefwisselingen. Er moet een flink aantal potentiële daders en omstanders worden geschetst, en al gauw wordt het bij enige onoplettenheid onduidelijk wiens verhaal we nu weer aan het lezen zijn. Er zijn simpelweg te veel hoofdpersonen.

Het mogen dan veel hoofdpersonen zijn, die in een veelvoud aan dysfunctionele en overspelige verhoudingen terechtkomen (wat is er toch mis met menselijke hormonen om met één zwoele blik een getrouwd man al tot een buitenechtelijke affaire te verleiden?), wat niet dysfunctioneel is aan hen is hun geheugen. Het is niet merkwaardig om bepaalde (soms idiote) details uit je verre verleden nog helder voor ogen te hebben, het is ronduit ongeloofwaardig als het halve dorp vier-en-der-tig jaar na dato nog van minuut tot minuut kon herinneren wat er zich op die ene vierde juli afspeelde. Een vierde juli die pas later belangrijk zou blijken - op de dag zelf wist namelijk niemand nog wat van de verdwijning van Violet. Ik begrijp niet goed waarom dat de gebeurtenissen zo lang geleden dienen af te spelen. In een ander boek van Sue Grafton hebben mensen al moeite een "Jane Doe" voor de geest te halen die eind jaren '60 (minder dan twintig jaar voor de verhaalijn) verdwenen was. (Q is for Quarry).

De uiteindelijke moordenaar - want een moord was het natuurlijk - en het motief worden er een beetje met de haren bijgesleept. Niet de talloze jaloersmakende en gezinsontwrichtende affaires van Violet hebben gezorgd voor dysfunctionele verhoudingen leidend moord, maar domme geldzucht. Dat is een tegenvaller. Uiteindelijk blijken al die lastige problemen en al die karakterschetsen die we hebben moeten doorworstelen irrelevant. Je vraagt je overigens af of zelfs in de jaren '50 een brave burger ineens te verlokken is tot een moord teneinde een miezerige 50.000 dollar op te strijken, terwijl uit het verhaal blijkt dat niemand echt zeker weet dat het om dit bedrag gaat. Meermalen wordt gesuggereerd dat Violet slechts opschepte. De moordenaar - die eerder slechts een halfhartige krabbelaar bleek die door de gelegenheid tot diefje werd gemaakt teneinde zijn bazige vrouw wat geld afhandig te maken - nam daarom een onbegrijpelijk risico. Voor hetzelfde geld had hij al dat risico genomen voor niet meer dan een miezerig tientje reisgeld en haar kleren in twee papieren zakken, en daarbij nog een prachtige Chevrolet Bel Air naar de gallemiezen geholpen. Get a life.
De plot met het hondje, een raar oud vrouwtje en een vreemdsoortige en bij tijd en wijle onbegrijpelijke achtervolging ziet er gemaakt uit. Het is net of Grafton grote ideeën had, maar ze tegen het eind was vergeten en nu snel een alternatieve en eenvoudige plot moest bedenken om dat gat te dichten.

Verder is het boek weer een feest der herkenning voor Sue Grafton/Kinsey Millhone-fans. Gelukkig blijven de clichématige ontmoetingen met de vaste cast beperkt, zoals met Millhone's rare continuity-vriendjes, en haar merkwaardige huisbaas en zijn geronto-familie. Voor Kinsey Millhone mogen het karakters zijn die niet meer dan 5 jaar verder zijn in hun leven, voor de lezers zijn het fossielen die al vijfentwintig jaar de boeken van Grafton bevolken.

Chicklit. Moet ik me als man schamen voor het lezen van ieder van de 19 delen van Kinsey Millhone? Geen sprake van. Grafton schrijft zeer onderhoudende en soms zelfs spannende verhalen die zelden leiden tot het haastige doorbladeren om trage en irrelevante passages te ontlopen. Haar hoofdpersoon is sympathiek en menselijk, het taalgebruik is bijzonder beeldend. Vooral de achteloos opgemerkte maar zeer beeldende beschrijvingen en vergelijkingen die ze geeft van mensen en dingen met alledaagse fenomenen die we om ons heen zien (zoals wolkenformaties die vergeleken worden met gedrapeerde gordijnen) maken Grafton's detective een goed observator, grappig en slim.
De alfabetserie nadert echter zijn einde. En in zekere zin is dat maar goed ook. Het valt niet te verhelen dat Kinsey Millhone een beetje vast is blijven zitten terwijl wij allemaal vooruit zijn gegaan. Ook al kan Kinsey er niks aan doen dat Grafton haar in het boek met hooguit twee maanden per echt jaar vooruit laat schuifelen, toch riskeert ze dat we ons gaan afvragen waarom ze niet eens wat anders gaat doen met haar leven. Zeker nu we haar inmiddels van A tot Z - nou ja, S dan - kennen.